Ga naar de hoofdinhoud
Ga naar de hoofdinhoud
Logo

Eerder ingrijpen bij psychisch verzuim kan miljoenen besparen

Begeleiding in eerste drie verzuimweken hangt samen met fors korter verzuim

1 oktober 2026

Medewerkers met een verhoogd risico op langdurig psychisch verzuim die binnen de eerste drie verzuimweken passende begeleiding krijgen, verzuimen gemiddeld 60 verzuimdagen minder. Ook is hun terugkeer naar werk gemiddeld 71 dagen korter. Dat blijkt uit onderzoek van het Arbo Unie Kennisinstituut Werk en Gezondheid. Op basis van deze verzuimwinst berekent Arbo Unie een potentiële besparing van gemiddeld €24.300 per medewerker. Toch komt begeleiding bij psychisch verzuim in de praktijk volgens Arbo Unie vaak pas rond de vijfde of zesde verzuimweek op gang.  

 

Juist die timing is belangrijk. Hoe langer psychische klachten en problemen in het functioneren aanhouden, hoe groter het risico dat iemand verder van het werk komt te staan. 

 

Miljoenenpotentieel voor grotere organisaties 

 

De financiële impact van eerder handelen kan bij grotere organisaties snel oplopen. In een rekenvoorbeeld van Arbo Unie voor een organisatie met 6.000 medewerkers komt de berekende potentiële besparing bijvoorbeeld uit op €6,1 miljoen in de zorg, €4,6 miljoen in het onderwijs en €3,4 miljoen bij de overheid. Voor een organisatie die uitgaat van het Nederlandse gemiddelde bedraagt de potentiële besparing bijna €3,4 miljoen. Deze bedragen zijn potentiële besparingen op basis van de in het onderzoek gevonden verschillen in verzuimduur; ze zijn geen gegarandeerde besparing voor iedere organisatie. De daadwerkelijke besparing hangt onder meer af van de omvang en samenstelling van het personeelsbestand en de mate waarin organisaties erin slagen om medewerkers tijdig passende ondersteuning te bieden. 

 

Psychische klachten zijn vaak al eerder zichtbaar

 

Psychische klachten ontstaan meestal niet van de ene op de andere dag. Veranderingen in gedrag en functioneren kunnen al zichtbaar zijn voordat iemand langdurig uitvalt. Denk aan vermoeidheid, concentratieproblemen, minder betrokkenheid, vaker kort verzuim of het zich terugtrekken uit het team. Niet ieder signaal vraagt om professionele psychologische ondersteuning. Wel is het belangrijk dat leidinggevenden veranderingen in functioneren tijdig herkennen en bespreekbaar maken. Wanneer klachten aanhouden en het functioneren beïnvloeden, kan het verstandig zijn om niet af te wachten, maar passende ondersteuning te organiseren. 

 

“Bij psychisch verzuim kijken we vaak vooral naar wát we inzetten, terwijl het moment waarop hulp start minstens zo belangrijk is”, zegt Marijke Vink, GZ-psycholoog bij belife, onderdeel van Arbo Unie. “Leidinggevenden hoeven geen psycholoog te worden. Wel is het belangrijk dat zij veranderingen in functioneren herkennen, het gesprek aangaan en weten waar medewerkers terechtkunnen. Daarmee kan passende ondersteuning eerder op gang komen en kan de afstand tot het werk beperkt blijven.” 

 

Van afwachten naar eerder handelen 

 

Voor werkgevers ligt de belangrijkste opgave daarom niet alleen in de vraag welke interventie wordt ingezet, maar ook in de snelheid waarmee medewerkers toegang krijgen tot passende ondersteuning. Dat begint bij een organisatie waarin leidinggevenden weten welke veranderingen in functioneren aandacht vragen, het gesprek hierover kunnen voeren en weten welke ondersteuning beschikbaar is. Door die route vooraf te organiseren, hoeft niet eerst langdurig verzuim te ontstaan voordat professionele hulp in beeld komt. Eerder handelen betekent daarbij niet dat ieder signaal direct tot een psycholoog moet leiden. Het gaat erom dat werkgevers veranderingen in functioneren tijdig herkennen, deze bespreekbaar maken en – wanneer dat nodig is – snel de juiste ondersteuning kunnen inzetten. Zo kan vroeg handelen bijdragen aan herstel én aan het beperken van de duur en kosten van psychisch verzuim.